zelfstandig naamwoord · de-woord · A2 · veelgebruikt
de afspraak
Wat betekent “afspraak”?
Meervoud: de afsprakenLettergrepen: af·spraak
Betekenis
- Engels
- appointment; agreement
Dit woord krijgt “de”.
Voorbeeldzinnen
- Ik wil graag een afspraak maken.I would like to make an appointment.
- Kunt u de afspraak verzetten naar dinsdag?Can you move the appointment to Tuesday?
- Kom op tijd naar je afspraak.Be on time for your appointment.
Uitdrukkingen
- een afspraak makento make an appointment
- een afspraak afzeggento cancel an appointment
- een afspraak verzettento reschedule an appointment
Oefen dit woord met een game
Een korte woordquiz met de 15 woorden over Gezondheid.